Neologids 4: formules en affixen

Formules

apotheek Reisapotheek, vlekkenapotheek
aso asobak, asobunker, asocontainer
bakker stukjesbakker.
bezweerder Naar slangenbezweerder.
biefstuk biefstuksocialist.
chirurg Boomchirurg.
compromis
cultuur angstcultuur, sorrycultuur.
dertien-in-een-dozijn Dertien-in-een-dozijnfilm, dertien-in-een-dozijnsollicitant, dertien-in-een-dozijnwoning
deug Deugjournalist, deugmens, deugpolitici.
dingetje
dokter Bedrijvendokter.
excuus Excuusallochtoon, excuustruus.
gate schandaal, naar Watergate, Monicagate, etc. Dieselgate.
gebeuren Sportgebeuren.
fluisteraar Naar boek & film De Paardenfluisteraar (The Horse Whisperer). Autofluisteraar, hagedissenfluisteraar, mensenfluisteraar.
hang Naar hangjongere. Hangoudere, hangvlogger.
hoofdpijn Naar hoofdpijndossier.
horror horrorclown
huis-tuin-en-keuken Huis-tuin-en-keukengesprek, huis-tuin-en-keukenmiddel, huis-tuin-en-keukenvermaak.
hufter hufterproof, huftertaks
knuffel Knuffelallochtoon.
moment, momentje ijsmomentje, inzakmomentje, yoghurtmomentje.
lab
plof naar plofkip. Plofprof, plofstuderen, plofstudent, plofvis.
pret Pretcilinder, pretsigaret.
proof Hufterproof.
salon Salonsocialist.
sjamaan Autosjamaan.
terror terroroehoe, terroruil
treiter
wereld
wild naar wildplassen. Wildbreien.

Affixen

voorvoegsels

aard, erd mannelijk persoon. Rijkaard, grappigerd, leukerd, sprekerd, schrijverd. –aard is niet van nature productief, maar grappigaard is niet onmogelijk.
anti tegen
neo nieuw
ont beginnen, verwijderen, ongedaan maken. Ontvrienden.
pro voor
super boven, superieur. Superchips, superprovincie.
wan Wanburger.
zelf zelfworster.

achtervoegsels

erie Frans achtervoegsel voor bedrijf, bedrijfsruimte of winkel. Condomerie, eeterie.
erij bedrijf of bedrijfsruimte. Boerderij, Computerij, eeterij, schranserij.
ernij zoals in lekkernij, slavernij.
gate schandaal, zie Formules hierboven.
heid abstractie, eigenschap. Automatische-pilootheid.
iseren (isatie, isering) verwording. Indivualisering veralgemenisatie, vernederlandiseren. Bij gekunstelde afleidingen van bijvoorbeeld merknamen geeft het een negatieve lading: IKEA-isering.
itis ziekte. Hollanditis.