beeld: Unsplash (publ. dom.)

De verkiezingen zijn weer voorbij en we kunnen terugblikken op aardig retorisch vuurwerk. Opvallend was dat dit retorische vuurwerk vaak overduidelijk uit een vuurwerkfabriek kwam. En dat brengt ons op de uitdrukking naar de lamp ruiken.

F.A. Stoett schrijft erover:

Dit zegt men van redevoeringen, die vooraf bestudeerd zijn, waarop men lang heeft zitten werken, eig. tot laat in den avond, als de lamp brandt; in ’t algemeen van eenig letterkundig werk, waaraan veel tijd en inspanning is besteed. De uitdr. is ontleend aan den redenaar Pytheas (± 340 v. Chr.), die van de redevoeringen van den hem vijandig gezinden Demosthenes beweerde, dat zij naar de lampepitten roken (ἐλλυχνίων ὄζειν).

De uitdrukking werd voor zover ik weet niet gebruikt tijdens de afgelopen campagne, maar er vielen verwijten als dat de tegenstander had afgekeken bij Obama, dat ‘uw campagneteam dat leuk heeft bedacht’ en over ‘die grap die u heeft voorbereid’.

Waarom werkt zo’n argument? Iedere politicus bereidt zich voor, dus kun je dat een ander niet verwijten. Maar een nadruk op die voorbereiding zit onze waardering voor een politicus blijkbaar in de weg. De schijn van moeiteloosheid en spontaniteit is belangrijk.

Het beste antwoord op het verwijt naar de lamp te ruiken, is om direct snedig te reageren. Gelukkig kun je ook dat goed voorbereiden.